Bestaansreden van Stichting Sport=Baas

Grove schets van een dreigend tekort aan deskundig bewegingsonderwijs

Stichting Sport is Baas (hierna ook ‘Stichting Sport=Baas of Sport=Baas’)  bestaat om kansen te bieden het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs te verbeteren en vermeerderen. Sport=Baas steunt basisscholen en hun leerlingen met het financieren en faciliteren van deskundig bewegingsonderwijs.

De vraag naar verbetering en vermeerdering van bewegingsonderwijs met hulp van Sport=Baas kan ontstaan in het basisonderwijs doordat niet meer geld beschikbaar is voor het bewegingsonderwijs, terwijl het bewegingsonderwijs dient toe te nemen in omvang en kwaliteit. Een toename van lichamelijke opvoeding , meer bewegen en obesitas-preventie door meer en / of deskundiger begeleid bewegingsonderwijs in het basisonderwijs wordt verlangd door de maatschappij en politiek.
Staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs maakt zich sterk voor uitbreiding in omvang en deskundigheid van bewegingsonderwijs. De bewindsman heeft de noodzaak daartoe uitvoerig laten onderzoeken door het Mulier Instituut , een landelijk opererende stichting ter bevordering van sociaalwetenschappelijke kennisontwikkeling en beleidseffectiviteit gericht op sport. De uitkomst van dat onderzoek steunt de opvatting dat het bewegingsonderwijs toe is aan een flinke verbetering.
Lichamelijke opvoeding heeft daarom prioriteit binnen het Rijksoverheid-beleid. Staatssecretaris Dekker maakt momenteel beleid om de kwaliteit van het bewegingsonderwijs in Nederland te verbeteren. In 2016 dient elk kind minstens drie uur per week bewegingsonderwijs gedoceerd te krijgen van een vakleerkracht. Dat is nu bij lange na niet het geval zo blijkt uit recent onderzoek van het Mulier Instituut (Landelijk opererende stichting ter bevordering van sociaalwetenschappelijke kennisontwikkeling en beleidseffectiviteit gericht op sport;
zie haar site: http://www.mulierinstituut.nl/organisatie/over-mulier-instituut.html ) . Dat onderzoek laat zien dat 25% van alle basisscholen géén vakdocent noch een bevoegde docent voor ‘schoolgym’ in dienst heeft.

Sport = Baas deed ook zelf navraag bij schooldirecties. Uit die gesprekken blijkt zelfs dat in sommige gemeentes met ingang van het schooljaar 2014-15 afscheid is genomen van de vakleerkracht vanwege gebrek aan geld. Ook in gesprekken met een plaatselijke en landelijke politici bleek Stichting Sport is Baas een rol van betekenis te kunnen vervullen in het gat tussen politieke ambities en praktische bezwaren.

Kortom:

Citaat Mulier Instituut website:
“ Anno 2010 mag de idee dat sport maatschappelijk van betekenis is op veel support rekenen.
Velen ondersteunen de gedachte dat sport kan bijdragen aan de gezondheid, opvoeding, cohesie,
integratie et cetera. De empirische bewijslast voor deze hypothesen is echter, met uitzondering
wellicht van de relatie tussen sport en lichamelijke gezondheid, betrekkelijk dun.”

Het onderzoek naar mogelijke onderbouwing van de effecten van sport op andere terreinen dan gezondheid is nog in volle gang. Ook zou sport positief effect kunnen hebben op vergroting van de maatschappelijke samenhang en stimulering van de nationale trots en uitstraling.  Ook dat wordt door het Mulier Instituut empirisch getoetst.

Op basisscholen stagneert of vermindert het aantal uren lichamelijke opvoeding / bewegingsonderwijs onder deskundige begeleiding.  Daarentegen bestaat wel de maatschappelijke behoefte en politieke ambitie voor terugkeer van lichamelijke opvoeding voor de jongste Nederlanders. Recent leidde een verontrustend aantal dodelijke verdrinkingsongelukken tot de noodkreet ter verbetering, vermeerdering en wellicht zelfs verplichting van het zwemonderwijs voor jonge kinderen. De politieke uitwerking van die maatschappelijke verzoeken leidde tot een toename van de verplichte omvang van bewegingsonderwijs en lichamelijke opvoeding onder deskundige begeleiding naar drie klokuren per week voor alle basisscholieren. Invulling van die verplichting stuit op beperkingen in de traditionele wijze van bekostiging van (vakleerkrachten) bewegingsonderwijs en veroorzaakt een tekort in de lichamelijke opvoeding van basisschoolleerlingen. In de huidige situatie wordt in plaats van de verplichte 180 minuten slechts maximaal 80 minuten deskundig bewegingsonderwijs gedoceerd in de laatste zes groepen. In de eerste twee groepen is het deskundig bewegingsonderwijs NIET geprogrammeerd door bijna alle basisscholen in Nederland.

 

Situatie voor groepen 3 tot en met 8 tot 2013/ 14 ;
vakleerkracht valt weg bij drie van de vier scholen per 1-9-2014.

Overzicht vier willekeurige basisscholen in dezelfde plaats in Nederland

School Aantal leerlingen totaal Omvang BO per week Van wie
A 134 2 x 40 min VakdocentPer 1-9-201:
Blijft gehandhaafd
maar slechts voor groep 3-8 en
slechts 80 minuten per week
B 85 2 x 40 min 1x vakleerkracht
(valt weg per 1-9-2014)
1x groepsleerkracht:Per 1-9-2014 :
2 x groepsleerkracht
C 76 2x 45 min 1x vakdocent
(valt weg per 1-9-2014)
1x groepsleerkracht;Per 1-9-2014 :
2 x groepsleerkracht
D 262 2x 45 min Enkele groepen:
1x vakleerkrach;
1 x groepsleerkracht.Andere groepen:
2x vakleerkracht
(valt 1x weg per 1-9-2014);
Per 1-9-2014 :
1 x vak-
1 x groepsleerkrachtMeeste groepen:
Per 1-9-2014 :
2x groepsleerkracht

 

De groepen 1 en 2, de allerkleinsten en dus degene die het hardst nodig hebben, worden in de vier willekeurige scholen NIET en dus NOOIT door een deskundige vakdocent begeleid in hun lichamelijke opvoeding.

Gewenste situatie:

Volgens de bestuurders politici van basisscholen:

Krantenknipsel uit AD medio juli 2014:

 

Volgens de basisscholier zelf:

In dit filmpje speelt een vier-jarige jongen de hoofdrol die waarschijnlijk net zo graag beweegt als elke basisscholier :